Koning van Katoren – Jan Terlouw

Titel: Koning van Katoren
Auteur: Jan Terlouw
Illustraties: Dirk van der Maat
Leeftijd: 9-12
Gepubliceerd: 1971
Uitgeverij: Lemniscaat
Pagina’s: 176

Jan Terlouws bekendste boek, Koning van Katoren, bestaat in 2021 precies vijftig jaar. Hij won er in 1972 de Gouden Griffel mee en nog steeds is het een veelgelezen titel. In het fantasieland Katoren is de oude koning al zeventien jaar dood wanneer de jonge Stach bij de zes ministers van het land aanklopt. Er is nooit een nieuwe koning benoemd en al die tijd hebben de ministers zelf geregeerd. Stach wil weten wat iemand moet doen om koning te worden. De ministers geven hem zeven opdrachten: als hij die tot een goed einde weet te brengen, mag Stach zichzelf de nieuwe Koning van Katoren noemen.

Het komt niet als verrassing dat hem dit uiteindelijk lukt, maar het boek is er niet minder spannend om. In de zeven opdrachten leert Stach te vertrouwen op zijn moed, wijdheid en liefde voor Katoren en diens inwoners. Omdat het verhaal is opgebouwd uit de zeven opdrachten, volgt het een prettige cadans en herkenbare opbouw. Terlouw schrijft daarnaast in een klare stijl, met taal zonder opsmuk. Net als Stach heeft hij maling aan foefjes of mooimakerij. Hij blinkt echter wel uit in de fantasievolle setting van Katoren met dorpen en steden als Uikumene (waar wandelende kerken de orde verstoren), Decibel (waar krijsende vogels het horen doen vergaan) of Smook (waar de draak zich in gele walmen hult).

Hier en daar merk je dat het boek al vijftig jaar meegaat. Soms ligt het aan de zinsconstructie, een andere keer gaat het om een woord zoals ‘daghitje’. Welk kind weet nu nog wat daarmee bedoeld wordt? Maar erg of storend is dat niet. Het heeft wel wat, een boek lezen dat duidelijk een stukje ouder is dan de meeste lezers van nu zijn en van iets opzoeken is nog nooit iemand slechter geworden uiteraard. Bovendien wordt het nergens onbegrijpelijk. Natuurlijk zijn ook typische D66 punten aanwezig, zoals gekozen burgemeesters. Zelfs de uiteindelijke koning laat weten dat hij ieder jaar opnieuw getest wil worden om te zien of hij het koningschap nog waard is. Dat maakt dat het boek nog steeds actueel is.

De spanning en fantasie van Terlouw voeren nog steeds de boventoon en daarin is het ijzersterk. Ongetwijfeld zal het ook de komende vijftig jaar weer veel lezers meenemen op avontuur.

Meester Jaap-serie – Jacques Vriens

Serie: Meester Jaap
Auteur: Jacques Vriens
Illustraties: Annet Schaap
Leeftijd: 6-9
Gepubliceerd: 1996-2011
Uitgeverij: Van Holkema & Warendorf
Pagina’s: +/- 46

De Meester Jaap-serie is ondanks dat het laatste deel ruim tien jaar geleden verscheen, nog steeds een geliefde serie in basisschoolklassen. De gekke meester Jaap die kan zinnen als een valse kraai en spekjes uitdeelt aan zijn leerlingen zit in de harten van veel juffen, meesters en leerlingen gegrift. En dat is ook niet zo gek: de verhalen zijn kort, maar krachtig en geven de ruimte aan een breed scala aan onderwerpen. Zo komen onderwerpen als pesten, verliefdheid, ouders die gaan scheiden, seksuele voorlichting, discriminatie, geloof en emancipatie voor. De fleurige tekeningen van Annet Schaap geven de kinderen en met name de meester een eigen karakter.

Nog steeds zijn de boeken goed te lezen en zijn ze actueel. Op een paar punten zijn de oudste boeken iets verouderd: zo heeft meester Jaap veel moeite met de eerste (en enige!) computer in de klas en komt zwarte piet nog voor in het verhaal over Sinterklaas. Niet helemaal meer van deze tijd. Overigens betreft het hier vooral de tekening van zwarte piet – in de tekst heeft Vriend het gewoon over ‘pieten’. Voor de rest hebben de boeken de tand des tijds goed doorstaan en dat komt met name omdat de onderwerpen waar de korte verhalen over gaan, nog steeds belangrijk zijn voor de kinderen van nu. Bovendien heeft Vriens naast diverse onderwerpen ook oog gehad voor een diverse klas: niet alleen heeft hij oer-Hollandse namen in de klas, maar ook Aziatische, Turkse en Afrikaanse. Daarmee heeft Vriens een vrij tijdloze serie geschreven.

In de klas van meester Jaap heeft iedereen ‘recht op een eigen afwijking’. Geen leerling is perfect en ook meester Jaap is verre van de ideale leerkracht. Hij kan soms ontploffen van woede. Juist daardoor blijft hij menselijk én is hij een goed voorbeeld voor lezers. Niemand is perfect – ook de meester niet.

De bende van de Witte Roos – Astrid Lindgren

Titel: De bende van de Witte Roos
Auteur: Astrid Lindgren
Vertaler: Rita Törnqvist-Verschuur en Reinolt Duerlings
Illustraties: Harmen van Straaten
Leeftijd: 9-12
Gepubliceerd: 2010
Uitgeverij: Ploegsma
Pagina’s: 378

Naast de bekende Pippi Langkous verhalen en Ronja de Roversdochter schreef Astrid Lindgren natuurlijk nog veel meer jeugdboeken. Een paar daarvan spelen zich af op het Zweedse platteland, zoals Michiel van de Hazelhoeve, De kinderen van Bolderburen en zo ook De bende van de Witte Roos. Het laatste is door uitgeverij Ploegsma uitgegeven als omnibus, bestaande uit drie verhalen over Kalle ‘detective’ Blomkwist en zijn vrienden. Samen met Eva-Lotta en Anders vormt hij de bende van de Witte Roos en zijn ze altijd in oorlog met de bende van de Rode Roos. Tenminste, als Kalle niet druk bezig is om de detective uit te hangen en het kleine dorpje waar ze wonen te beschermen tegen misdaad. In drie verhalen lost hij samen met zijn vrienden een diefstal, moord en kidnapping op.

Hoewel de verhalen over Kalle zich afspelen in een slaperig Zweeds stadje waar de televisie nog niet zijn intrede heeft gedaan, zijn ze alles behalve saai. Lindgren houdt de vaart erin en beschrijft de schermutselingen tussen de twee verschillende bendes met veel gevoel voor humor en spanning. Daarnaast geeft ze ieder van de drie leden van de Witte Roos evenveel aandacht en daarbij doet Eva-Lotta niet onder voor Lindgrens andere vrouwelijke heldinnen. Ze is minstens net zo stoer als Pippi en net zo dapper als Ronja. De detective-raadsels die Kalle samen met zijn vrienden probeert op te lossen zijn niet de meest moeilijke om te ontwarren, maar ze zijn wel met veel gevoel voor spanning opgetekend. Het is daarbij duidelijk dat deze spanning met ieder boek iets oploopt: het avontuur in het laatste verhaal zit het meest ingewikkeld in elkaar, alsof Lindgren daar echt ál haar registers losgooit.

Ook leuk is het feit dat Lindgren Kalle laat communiceren met zijn ‘zogenaamde toehoorder’ wanneer hij zijn gedachtespinsels nog niet met zijn vrienden wil delen. Tegen deze verzonnen persoon kan hij alles kwijt en uiteraard is deze toehoorder danig van Kalle onder de indruk. Dit zorgt ervoor dat de lezer toch wel het meeste met hem bindt. De heerlijk levendige tekeningen van Harmen van Straaten helpen hier ook zeker bij – ze spatten van de pagina’s af en geven alle kinderen een eigen karakter.

De bende van de Witte Roos is een waardig onderdeel van de Astrid Lindgren bibliotheek. De heerlijk spannende avonturen die zich afspelen tegen een idyllisch Zweeds platteland doen de lezer verlangen er echt bij te zijn.

Baas van de wereld – Pieter Koolwijk

Titel: Baas van de wereld
Auteur: Pieter Koolwijk
Illustraties: Elly Hees
Leeftijd: 9-12
Gepubliceerd: 2016
Uitgeverij: Lemniscaat
Pagina’s: 216

De stille Mila en de praatgrage Ivo zijn onafscheidelijk. Als Ivo er op een dag uitflapt dat hij graag later Baas van de Wereld wil worden, staan ze paf wanneer de échte Baas van de Wereld voor hun neus staat. De zwerver die zichzelf Baas noemt neemt hen mee in zijn vliegende winkelkarretje op een doldwaas avontuur door de stad. Het doel? De wereld redden. Dat lijkt onmogelijk, maar volgens Baas zijn er maar kleine dingen voor nodig om grootse zaken te bereiken. Kunnen Mila en Ivo de wereld redden?

Na Vlo en Stiekel en Bens boot komt Pieter Koolwijk, die het afgelopen jaar vooral opviel met Gozert, met een filosofisch sprookje. Hoofdonderwerp van dit boek is de staat van de wereld. Mila en Ivo beginnen als vrij onwetend op dit gebied, maar leren door Baas op een andere manier naar de wereld te kijken. Ineens zien ze dat de wereld wordt geteisterd door rampen. Koolwijk haalt vooral de onverschilligheid onder mensen en de klimaatverandering aan als grootste problemen. In de woorden van Baas: ‘Waarom zijn jullie zo druk met groepjes maken? Alles en iedereen wordt verdeeld op basis van geloof, huidskleur, afkomst, rijkdom, voetbalshirts. Totaal nutteloos. Jullie zitten allemaal in het zelfde schuitje. Op dezelfde wereld.’

Het boek komt wat langzaam op gang omdat Koolwijk de tijd neemt om de ontmoeting met Baas uit te werken. Het krijgt vooral vaart wanneer Mila en Ivo er met Baas vandoor gaan en in zijn riool-huis leren van de echte staat van de wereld. Daarna is Koolwijk op dreef en laat hij de vriendschap tussen de twee kinderen mooi ontwikkelen. Het einde zit wat gekunsteld in elkaar, waarbij wilde acties elkaar in hoog tempo afwisselen. Samen met de lezer blijven Ivo en Mila dan achter met de vraag: maar wordt de wereld hier nou beter van? Uiteindelijk gebruikt Koolwijk een metafoor van een klein steentje op de weg om uit te leggen dat kleine dingen grote gevolgen kunnen hebben. Zelfs Mila en Ivo hebben het in zich om de wereld te veranderen: als je maar klein begint, wordt het vanzelf groot. De kans is echter aanwezig dat deze boodschap sommige lezers boven het hoofd stijgt.

Al met al heeft Koolwijk met Baas van de wereld een fijn filosofisch sprookje neergezet dat uitnodigt om verder na te blijven denken over de vragen die het oproept. De tekeningen van Elly Hees zijn een heerlijk verlengde van de personages en geven het boek de flair die het verdient.

De juwelendief – M.G. Leonard & Sam Sedgman

Titel: De juwelendief
Serie: Dader op het spoor #1
Auteur: M.G. Leonard & Sam Sedgman
Vertaler: Marce Noordenbos
Illustraties: Elisa Paganelli
Leeftijd: 9-12
Gepubliceerd: 2020
Uitgeverij: Fontein
Pagina’s: 304

Alexander Beck is bijna twaalf als hij door zijn ouders op King’s Cross wordt afgezet om op reis te gaan met zijn oom Ben. Zijn moeder is hoogzwanger, dus het komt zijn ouders goed uit dat Alex is uitgenodigd om de laatste reis van de Hooglanden-expres mee te maken. Alex zit daar in eerste instantie helemaal niet op te wachten (want: ‘Als een volwassene zei dat iets goed voor je was, betekende dat altijd dat het saai was, of goor, of allebei’), maar de reis wordt al snel spannender dan hij dacht: er is een juwelendief actief. En een brutale ook: een van de diamanten kettingen van de kersverse prinses is gestolen. Kunnen hij en Lenny de dief ontmaskeren voordat de trein zijn laatste rit heeft gereden?

Dit boek is duidelijk op de markt gezet om een jonge generatie speurders van boeken te voorzien: de jonge versie van Agatha Christie lezers. En detective series doen het goed. Denk maar aan de Britse Murder Most Unladylike-serie van Robin Stevens die vorig jaar pas na negen delen stopte. De Daders op het spoor-serie lijkt hier handig op in te spelen en er is inmiddels alweer een tweede deel uit. Toch was mysterie niet het eerste element van de serie. M.G. Leonard schrijft in het dankwoord van dit eerste deel dat hij dit verhaal bedacht om aan de wens van zijn oudste kind om boeken over treinen te lezen te voldoen. De juwelendief is dus geschreven vanuit het idee om ook ‘het realisme, de routes, de feiten en de gedetailleerde kennis van locomotieven’ te beschrijven. Dat is dan ook zeker terug te vinden. Alles aan de Hooglanden-expres wordt uitvoerig beschreven aan de treinleek Alex – die uiteraard prompt treinliefhebber wordt.

Hoewel de fascinatie en liefde voor treinen van de pagina’s spat, zit het mysterie-element er ook goed in. Samen met Alex en Lenny lost de lezer beetje bij beetje het mysterie op en dat hebben de twee auteurs goed gedaan. De vaart zit er ondanks de 300 pagina’s goed in en alle traditionele elementen van een mysterie zijn aanwezig – inclusief bemoeizuchtige politieagenten en een alles verklarend slotstuk waarbij alle personages weer samenkomen. De speurtocht naar de dief wordt ondersteund door de strakke en moderne illustraties van Paganelli. Ze fungeren eigenlijk als de tekeningen die Alex in het verhaal zelf maakt en dat brengt hem als hoofdpersoon weer wat dichter bij de lezer.

De Dader op het spoor-serie zal denk ik veel jonge lezers de spanning en sensatie geven die ze anders wellicht graag in tv-series zoeken. Daarmee hebben Leonard en Sedgman een serie opgezet die het verdiend om veel gelezen te worden.

Bor ziet spoken – Harmen van Straaten

Titel: Bor ziet spoken
Auteur: Harmen van Straaten
Illustraties: Harmen van Straaten
Leeftijd: 6-9
Gepubliceerd: 2016
Uitgeverij: Leopold
Pagina’s: 102

Nadat Bor is verlaten door zijn moeder die op vakantie ging om ‘zichzelf te vinden’ en nooit meer terugkwam, verhuizen vader en zoon naar een verlaten huis aan de rand van een dorp. Bor is ervan overtuigd dat het er spookt, maar daar wil zijn vader niets van weten. Sterker nog… hij denkt dat Bor achter alle spookverschijningen zit. Als Bor het geheim van het oude huis ontdekt, wil hij er niet meer weg, maar dan heeft hij nog niet gerekend op mevrouw Griezelpudding die ze kostte wat het kost uit het huis wil hebben. Samen met zijn nieuwe vriend probeert Bor ervoor te zorgen dat haar plannetje niet zal lukken.

In dit geestige (pun intended) en vlotte verhaal zorgde Van Straaten voor zowel de illustraties als de tekst. De tekeningen zijn een lust voor het oog: ze zijn vlot opgezet en op bijna iedere pagina siert zijn werk wel de tekst. En sieren doet het, want de illustraties ondersteunen de tekst op humoristische wijze. Ze doen ergens in de verte denken aan het werk van de Engelse illustrator Quentin Blake en dat is een groot compliment. De taal van het verhaal is eenvoudig en voor enigszins ervaren lezers zeer geschikt om zelf te lezen. Van Straaten toont zich ook in de tekst van zijn creatieve kant in onder andere de heerlijk speelse namen van spoken zoals Gravin Zuurpin en Graaf Kwijlgeest. Het verhaal draait vooral om het grappige en spannende element van de spoken en het plot van mevrouw Griezelpudding, maar Van Straaten raakt ook even aan het meer serieuzere onderwerp van ergens bang voor zijn. Zo is Bor bang voor grote hoogtes en dit biedt de mogelijkheid om het bij voorlezen te hebben over angsten.

Met Bor ziet spoken heeft Van Straaten een heerlijk vlot en rijk geïllustreerd boek gemaakt dat lekker wegleest en ook nog eens een lust voor het oog is. Voor avontuurlijke lezers en dappere voorlezers.

De Boskampi’s – Marjon Hoffman

Titel: De Boskampi’s. Een legendarische maffia-familie
Auteur: Marjon Hoffman
Illustraties: Annet Schaap
Leeftijd: 9-12
Gepubliceerd: 2004
Uitgeverij: Ploegsma
Pagina’s: 120

Veel lezers zullen zich kunnen identificeren met Rik Boskamp: hij schaamt zich voor zijn brave vader en had liever een stoere man gehad waar hij tegenop kon kijken. Daarmee sluit Hoffman goed aan bij de voor deze leeftijd beginnende (vroege) pubergedachtes. Rik is liever Rikki Boskampi, een Italiaanse maffiazoon waar iedereen bang voor is en respect voor heeft. Wanneer Rik en zijn vader Paul voor diens werk moeten verhuizen, ziet Rik zijn kans schoon om een nieuw leven op te bouwen. Al snel weet hij zijn stempel op de buurt te drukken door een combinatie van leugens en vernuft. Iedereen raakt onder de indruk van de Boskampi’s…

Hoffman is vooral bekend geworden door de Floor-serie, maar zette met De Boskampi’s voor het eerst haar stappen buiten deze serie. En hoe! Het boek leest als een trein en is voor de doelgroep afwisselend herkenbaar (wie wordt er niet wel eens gepest of schaamt zich voor zijn of haar ouders?), fantasierijk en grappig. Nergens wordt De Boskampi’s echt spannend, maar daar is het ook het boek niet voor. Het verhaal draait voornamelijk om Rikki’s slimme spel vol leugens en de grappige uitspraken van vader Paul die zich van geen kwaad bewust is. De illustraties van Annet Schaap ondersteunen het boek op spetterende wijze, waarbij Schaap oog heeft voor zowel de stoere, grappige en inventieve kant van Rikki.

Door de humoristische ondertoon en de vele verwijzingen naar films, zou dit boek ook een goede keuze zijn voor jongens en meisjes die niet zo vaak lezen. Maar het boek leent zich ook uitstekend om te worden voorgelezen in de klas of thuis. Van dit soort boeken lees ik graag meer en Hoffman is naar mijn mening uitstekend geslaagd!

Aankondiging: het oeuvre van Thea Beckman lezen

Het is even stil geweest op Tale of the Lime Tree. De winter zette goed door en ik kroop even in mijn cocon om daarvan te genieten. Maar nu keer ik terug met een nieuw project: ik ga het oeuvre van Thea Beckman lezen, van begin tot eind. Met dit nieuwe project heb ik ook besloten om, in ieder geval voor de duur van dit project, terug te keren naar de Nederlandse taal. Ik schreef mijn blog altijd in het Engels omdat ik graag een zo breed mogelijk publiek wilde aanspreken, maar in dit geval is het logischer om in het Nederlands door te gaan. Wellicht keer ik later terug naar Engelstalige blogs.

Waarom dit project? Thea Beckman was tijdens mijn jeugd een van mijn favoriete schrijvers. Samen met Simone van der Vlugt wakkerde ze mijn liefde voor geschiedenis aan. Jaren later zat ik in de collegebanken en leerde ik over de onderwerpen waar ik voor het eerst over las in Kruistocht in Spijkerbroek en Hasse Simonsdochter. Uiteindelijk ben ik afgestudeerd als cultuurhistoricus, in het werkveld literair erfgoed. Nu ik alweer een paar jaar afgestudeerd ben, begint het toch een beetje te kriebelen. Ik wilde graag mijn oude liefde voor historische jeugdromans weer oppakken en combineren met mijn achtergrond als geschiedkundige. Hoe kwam het zo dat deze boeken zo’n grote populariteit bereikten? En welke plaats nemen deze boeken in, in de Nederlandse jeugdliteratuur? Door de boeken van Thea Beckman veelal opnieuw (en sommige voor het eerst) te lezen, probeer ik daar een antwoord op te vinden.

Niet al Beckmans boeken vallen in de categorie historische jeugdromans, maar ik heb toch besloten om al haar boeken, van De ongelofelijke avonturen van Tim en Holderdebolder tot Gekaapt!, te lezen. Ik wil graag haar hele oeuvre behandelen zodat het gemakkelijker is om de plaats van de afzonderlijke romans te bepalen. Hieronder plaats ik een overzicht van haar boeken, de historische romans zijn met een * aangegeven.

1957: De ongelofelijke avonturen van Tim en Holderdebolder
1964: Bertus en het wonderkrijtje
1970: Met Korilu de Griemel rond (later: Zwerftocht met Korilu)
1972: Mickey en de Fiebeldewiebels
1973: Heremetijd… Wat een lastpost!
1973: Kruistocht in spijkerbroek*
1974: Mijn vader woont in Brazilië
1976: Geef me de ruimte!*
1977: Triomf van de verschroeide aarde*
1978: Het rad van fortuin*
1979: Stad in de storm*
1980: Wij zijn wegwerpkinderen
1982: De gouden dolk*
1983: Hasse Simonsdochter*
1984: Wonderkinderen
1985: Kinderen van Moeder Aarde
1987: Het helse paradijs
1989: Het Gulden Vlies van Thule
1988: De val van Vredeborch*
1988: Een bos vol spoken
1990: Het geheim van Rotterdam*
1991: Het wonder van Frieswijck*
1992: De stomme van Kampen*
1993: De verloren schat
1994: De doge-ring van Venetië*
1996: Saartje Tadema*
1998: Vrijgevochten!*
2003: Gekaapt!*

Inmiddels zijn De ongelofelijke avonturen van Tim en Holderdebolder en Bertus en het wonderkrijtje via Boekwinkeltjes.nl naar mij onderweg. Ik heb er zin in!

My Toon Tellegen collection

I’ve written my thoughts on my latest read of Tellegen on the 1st of January. These are all the books that I’ve collected so far. I believe I still have to get my hands on one, centered around the ant. Every so often Tellegen publishes a new one and I think the one of the hippopotamus is the most recent book.

Amber

What series are you collecting?

Het lot van de kikker by Toon Tellegen

Title: Het lot van de kikker
Author: Toon Tellegen
Published: 2013
Language: Dutch
Pages: 176
Rating: 3/5

Happy new year everyone! I hope you’re warm and cosy in the safety of your own homes and celebrating the new year in style. I’m starting the new year by talking about one of my latest 2020 reads: a Dutch novella by Toon Tellegen.

Tellegen is most known for his animal stories – beloved by both adults and children. I collect his stories (I’ll show them to you in a seperate blog post) and read this one over the Christmas holidays. The title translates as The frog’s fate and the story focusses on the frog – one of the animals that Tellegen writes about. His other books contain stories about the hippopotamus, the ant, the hedgehog, the mouse, etc.

His stories are a bit of a hit and miss I think. I very much enjoyed the stories about the hippopotamus and the hedgehog (which center around burn-out and friendship and loneliness respectively), but this particular collection of stories wasn’t really for me. The frog is a very proud animal, believing that his ability to quack is one of the greatest gifts that has ever been bestowed on an animal. I found him a bit conceited and couldn’t really feel for him as a character. Nevertheless, Tellegen’s writing is still superb, although I would definitely recommend starting elsewhere with his writing.

Amber

Have you read anything by Toon Tellegen?